Artikel uit New Folksound
Onderstaande tekst is uit een interview van Ron Jansen met Will Pieters.
Anderhalf
jaar geleden ontstond The Downtown Cajun Band. De groep wordt met de dag beter,
getuige de concert- en festivalaffiches. De website, www.downtowncajunband.nl,
speelt daarin een belangrijke rol. Het kwartet begint een herkenbaar geluid
te ontwikkelen in de traditionele cajunmuziek. Een naam is gevestigd en we gaan
zeker meer horen van Ed van Dorp (zang en gitaar), Netty Pieters (tit´fer,
cajuntriangel), Ron van Doorneveld (cajunaccordeons) en Will Pieters (fiddle).
Het woord is aan spraakwaterval Will Pieters:
Ik zie me niet als een autoriteit in de cajunmuziek, daar ben ik veel te bescheiden voor. Ik heb wel een duidelijke mening over deze muziek. Ik wil de cajunmuziek zo puur mogelijk houden, net zoals die in Louisiana gespeeld wordt. Dat betekent, dat als ik naar mijn eigen speeltechniek op de viool kijk, dat het zo simpel mogelijk moet zijn. De muzikanten in Louisiana zijn oorspronkelijk ook geen topspelers. Ze leerden het van hun vader, die het ook weer van zijn vader had geleerd. Het is van generatie op generatie overgeven, inclusief alle fouten. Een cajunfiddler heeft zijn strijkstok verkeerd vast, de viool verkeerd vast en hij speelt in de eerste positie. Ik wil niet verder gaan tot deze manier van spelen, maar dan wel exclusief de valsheden. Dat is de kracht van de traditionele muziek. Ik hou me bij het oude, en daar ben ik heel conservatief in. Mijn grote voorbeelden zijn Dennis McGee en natuurlijk de Balfa broers.
Ik ben met de cajunmuziek
in aanraking gekomen door Herman van Rijn van The Cajun Company. We deelden
dezelfde hobby, namelijk Western: dus niet alleen de muziek, maar meer de levensstijl
en het op zoek gaan naar originele gebruiksvoorwerpen. Herman kwam op een gegeven
moment met een cassette die hij van zijn broer had gekregen. Daar stond traditionele
cajunmuziek op. We hebben er smakelijk om gelachen want wie neemt nou zoiets
belachelijks op? De broer van Herman dook verder in de cajuntraditie en kwam
niet veel later met een ander cassettebandje. Hier stond een andere vorm van
cajunmuziek op die beter klonk. De ene tape volgde de ander op en daar is bij
mij de interesse ontstaan. Ik kwam erachter dat de cajunmuziek van oorsprong
uit Frankrijk komt en een hele ontwikkeling heeft doorgemaakt vanaf het moment
dat de Franse emigranten de landgrenzen van het Noord Amerikaanse continent
bereikten.
Herman kwam door de interesse in de cajunmuziek in aanraking met accordeonist Bas van der Poll. Deze was al geruime tijd bezig met die muziek, en toen bleek dat het tweetal vlak bij elkaar woonde ontstonden de eerste sessies. Ik vroeg Herman of ik met de gitaar mee mocht komen naar zo´n sessie. Bas vond het prima, en na een paar bijeenkomsten vertelde ik dat ik een viooltje thuis had. Dat vond Bas wel heel interessant, en hij vond toch dat ik die viool maar eens een keer moest meebrengen. Bas maakte op papier een schematische afbeelding met vier snaren en een aantal posities waar je de vingers hoorde te plaatsen om akkoorden te kunnen spelen. Ik voelde er helemaal niks voor, maar Bas bleef aandringen. Ik heb me laten overhalen en vervolgens heb ik de rest van de tijd akkoordjes gezaagd. Toen ik die avond naar huis ging was mijn interesse gewekt, en thuis ben ik dat verder gaan ontwikkelen. Op een gegeven moment kreeg ik ook door hoe ik de strijkstok moest hanteren.
Na acht jaar heb ik de Cajun Company verlaten, meer ook om mijn eigen ding te gaan doen. Ik speelde in die groep de tweede viool, en dat beviel me prima want dan stond je niet zo in de picture. De eerste viool interesseerde me toen weinig, maar later wilde ik toch meer gaan soleren, want die tweede viool is enkel een ondersteuning, de twin-fiddle-stijl. Thuis probeerde ik wel allerhande solerende stukjes te spelen, maar in Cajun Company was geen plaats voor mijn aspiraties. Ik voelde dat het tijd werd om de groep te verlaten, maar dat heb ik helaas te vroeg gedaan. Want we waren in Amerika voor de opnamen van La robe de Rosalie. Mijn partijen zijn nooit op de uiteindelijke cd gekomen omdat ik halverwege het gebeuren de club had verlaten. Had ik dat maar een aantal maanden daarna gedaan
Maar goed, ik viel in eerste instantie wel in een gat. Je kan wel muziek maken maar dan alleen voor jezelf. Op een gegeven moment ontmoette ik Ron en Ed, die beiden in een countryband speelden. Het tweetal wilde een beetje cajunmuziek introduceren en ze vroegen mij om hen daarbij te helpen. Ik heb van begin af aan duidelijk gemaakt dat ik geen vast groepslid wilde worden in hun band, maar dat ik hen enkel wilde steunen in het ontwikkelen van de cajunsongs. De bandleider zag mij wel zitten als vaste fiddler. Er werd druk op me uitgeoefend waardoor het voor mij nog duidelijker werd dat ik met de cajunmuziek verder wilde. Toen heb ik die countryband vaarwel gezegd. Ed en Ron vonden dat heel erg, maar we hielden wel contact. Toen mijn plannen rond een nieuwe cajunband concreet werden heb ik Ron en Ed gevraagd, en die twee zaten daar eigenlijk al op te wachten. We zijn met z´n drieën bij mij thuis aan de slag gegaan. Daar lag ook een cajuntriangel en we hebben mijn vrouw, Netty, uitgedaagd om dat ding op te pakken en mee te doen. Na even wat proberen lukte het haar heel erg goed, en zo is The Downtown Cajun Band ontstaan.
We hebben vorig jaar
een demo gemaakt, gewoon plat opgenomen met een minidiskspeler. Het resultaat
is verbluffend! Die opnamen zijn heel puur, ook vanwege de verhoudingen tussen
de instrumenten en de zang. Dat vind ik heel erg belangrijk want in mijn optiek
moet een cd voldoen aan datgene je ook op het podium laat horen. Ik hou niet
van die cd´s vol tierlantijntjes en de daar tegenoverstaande mindere live-concerten.
Een groep moet op de waarde geschat kunnen worden, zowel op cd als live. En
vanuit dat standpunt gaan we in oktober aan de slag met de opnamen voor een
volwaardige cd.